De Slavernij Junior (1)

Wij van de Slavernij

De rap over slavernij komt direct binnen. Begeleid door ontroerende beelden van slavernij, nu en toen. Presentator Lisa Wade zet in: ‘400 Jaar geleden begon de Gouden Eeuw voor de Republiek der Nederlanden’.

We zien drie jongens op de replica van een slavenschip. Ze fantaseren over hun voorouders: zijn zij hierop vervoerd? Zo dichtbij is voor hen het slavernijverleden. Mooi. Eindelijk een programma over slavernij, dat elk lespakket overbodig maakt.

Maar dan vervolgt Lisa Wade, met achter haar de Amsterdamse Grachten. Ik citeer haar zinnen, benieuwd of alleen ik verbijsterd was:  de grote steden werden steeds rijker. […] prachtig versierde woningen langs vele nieuwe grachten.[…] Al die mooie huizen, al die mooie rijkdom hadden we vooral omdat we zo goed konden handelen.

WE

Kijkers worden geacht mee te kijken met de Hollandse en Zeeuwe kooplieden van toen. Door hun bril zullen we de geschiedenis gaan volgen. WE ken ik van de ouderwetse vaderlandse geschiedenis en heb ik altijd vreemd gevonden: ik word geacht mij te identificeren met mannen die zeeën bevoeren, die gebieden veroverden en bebouwden. ‘We’ klinkt zeer archaïsch, was toen misplaatst en vandaag de dag zeker.  ‘Onze roots’ zijn allang niet meer beperkt tot de Nederlandse grenzen. Dikke kans dat de Slavernij-Junior-Kijkers binding hebben met Suriname, met de Antillen, Marokko, Turkije, Iran, Engeland, Rusland, Polen. Zij kijken met hun familie of in hun klas naar hun programma over de  slavernij. Wat moeten die jongens en meiden met de mededeling dat ‘wij’ goed konden handelen? Worden zij geacht zich aangesproken te voelen? Of wat voor betekenis heeft die mededeling voor iemand met vooral Nederlandse voorouders?

‘We’ sluit mensen in, sluit mensen buiten. Hoe merkwaardig ‘we’ is, wordt duidelijk als we in gedachten Lisa Wade inwisselen tegen Ali B, Hakim of Roué Verveer. Ik kan mij niet voorstellen dat één van hen, allen Nederlanders, de tekst van Lisa Wade had opgelezen zonder een wenkbrauw op te lichten.

Door te starten met ‘wij’ is het bijna onmogelijk het perspectief te leggen bij de Afrikaanse mannen, vrouwen en kinderen, die als slaven werden gedeporteerd of bij hen die in slavernij werden geboren. In deze eerste aflevering kwamen zij niet aan het woord, terwijl die mogelijkheid er was in de gedramatiseerde stukken in deze aflevering. Daarin spraken echter alleen de ‘blanke’ handelaren. De slaven kreunden slechts.

De makers hebben getracht met de drie jongens op het schip tegenover Lisa Wade, de geschiedenis van de slavernij van twee kanten te belichten. In de serie voor volwassenen werden om die reden Roué Verveer en Daphne Bunskoek als presentatoren gecontracteerd. Alsof er twee gelijkwaardige kanten zitten aan het slavernijverleden. Alsof we voor beide kanten evenveel begrip moeten hebben. Wat mij betreft kan het perspectief net zo goed, of nog beter liggen bij de slaven en hun nazaten. Ook dan is het niet nodig te spreken van ‘we’, een derde persoon volstaat. Iedereen, ongeacht zijn of haar afkomst, zou over het slavernijverleden moeten kunnen vertellen.  Iedereen zou de kans moeten krijgen zich voor te stellen hoe het leven er voor slaven heeft uitgezien, hoe ze trachten te overleven. Voor degenen voor wie het slavernijverleden van hun voorouders nog dichtbij ligt, is dat misschien wel extra belangrijk. Ligt het perspectief bij de tot slaafgemaakten, dan nog is het mogelijk in beeld te brengen wat de slavenhalers en de slavenbezitters heeft bezield. En reken maar dat de rol van racisme ook dan heel helder kan worden. Ook in de educatieve serie.

Maar verder was het programma, in dit eerste deel, ok. Op naar deel 2.

 

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *